REVIEW Crimson Desert – Diamant in de ruwe

Crimson Desert review

Getest op: PC
Ook beschikbaar op: PS5/Xbox Series/Mac

Pearl Abyss kent de wereld vooral van Black Desert Online, een MMO dat al jaren meegaat. Met Crimson Desert waagt het Koreaanse team zich voor het eerst aan een volledig singleplayer avontuur. En wat voor een. Dit is een game die alles wil zijn: een episch actie-avontuur, een survivalspel, een puzzelgame, een managementsim en nog een stuk of tien dingen erbij. Dat die ambitie zowel de grootste kracht als de grootste zwakte van de game is, mag na honderd uur inmiddels geen verrassing meer heten.


Greymanes bijeen

Je speelt als Kliff, leider van de Greymanes, een soort fantasyhuurlingengroep die aan het begin van de game bruut wordt uiteen geslagen door de rivaliserende Black Bears. Kliff overleeft ternauwernood, wordt gered door een vriendelijke boer en begint aan een lange tocht om zijn kameraden terug te vinden en zijn clan te herbouwen. Onderweg krijgt hij via een mysterieuze hemeldimensie genaamd de Abyss bovennatuurlijke krachten, en al snel wordt duidelijk dat er meer op het spel staat dan alleen wraak.

Crimson Desert sterrenhemel

Klinkt als de basis voor een meeslepend verhaal, maar helaas blijft het bij een basis. De hoofdverhaallijn is rommelig verteld, springt van het ene plot naar het andere zonder dat personages de tijd krijgen om echt te groeien. Kliff zelf is als protagonist opvallend kleurloos. Een stoere krijger zonder charisma, die zelden verrassing of nieuwsgierigheid toont bij de wonderlijke zaken die hem overkomen. Als een goddelijk wezen hem uitnodigt in een kosmische bibliotheek vol universele geheimen, is zijn enige reactie: “Wat wil je van me?” Alsof hij weet dat hij gewoon een questgiver voor zich heeft.

Het emotionele hart van de game zit hem in het heropbouwen van je kamp en het herenigen van de Greymanes. Dat voelt oprecht bevredigend: je kamp groeit van een paar armzalige tenten tot een volwaardige nederzetting, en de missies rond je kameraden bieden de warmste momenten van het hele avontuur. Alleen maakt de game een groot deel hiervan optioneel, waardoor spelers die braaf de hoofdmissie volgen het beste van Crimson Desert dreigen te missen.

Pywel ademt

Maar dan die wereld. Pywel is fenomenaal. Een kolossaal continent dat je zonder loading screens kan doorkruisen, van besneeuwde bergtoppen en woestijnvlaktes tot bruisende havensteden en drijvende ruïnes in de lucht. De schaal is duizelingwekkend en het detailniveau indrukwekkend. Elk gebouw heeft een interieur, elke regio een eigen visuele identiteit en cultuur. Vikingachtige nederzettingen in het noorden, piratengroepen langs de kust, een mechanische stad waar robots landbouw bedrijven. En overal waar je kijkt, kun je naartoe.

Crimson Desert uitzicht

De draw distance is waanzinnig. Sta je op een bergtop, dan zie je letterlijk de hele wereld voor je uitgestrekt, en je weet dat je elk punt daarvan kan bezoeken. Dat gevoel van vrijheid en ontdekking is wat Crimson Desert op zijn best maakt. De stille momenten waarin je gewoon door het landschap rijdt, een verlaten ruïne ontdekt of een levende boom met een hoed tegenkomt, zijn verreweg de hoogtepunten. De wereld voelt levendig: herten stoten hun geweien tegen elkaar, haviken plukken zalm uit stromend water, en NPC’s gaan hun dagelijkse gangetje. Niet op het niveau van Red Dead Redemption 2, maar wel overtuigend genoeg om je erin onder te dompelen.

De Abyss, de hemeldimensie waar je nieuwe vaardigheden leert, voegt daar een extra laag aan toe. Het is een wereld boven de wereld, gevuld met puzzels, platformen en een architectuur die ademt van oude beschavingen. En de manier waarop je terugkeert naar Pywel, door van een platform te springen en met je ravenveren-mantel naar beneden te zweven terwijl het hele continent onder je rendert, is ronduit spectaculair.

Alles en nog wat

En dan komen we bij het punt waar Crimson Desert zowel schittert als struikelt: de hoeveelheid systemen. Dit is een game die werkelijk alles wil aanbieden. Veeteelt, bankieren, verfstoffen maken, mijnbouw, premiejagen, puzzels oplossen, interieur inrichten, mechapiloot spelen, sumoworstelen, kaartspellen, detectivewerk, kookboeken verzamelen en stekelvarken naar bergtoppen dragen. Dat is geen grap en het is niet eens een volledige opsomming.

Op papier klinkt dat overweldigend, en dat is het ook. Maar het betekent ook dat je je nooit verveelt. De hoofdmissies introduceren voortdurend nieuwe elementen, en als je zelf op verkenning gaat, struikel je over activiteiten die je niet had verwacht. De kampbeheersystemen, waarbij je Greymanes op missies stuurt om grondstoffen te verzamelen en bruggen en gebouwen te laten construeren die daadwerkelijk in de wereld verschijnen, zijn bijzonder geslaagd.

Crimson Desert gevecht

Maar niet alles werkt even goed. En hier wringt de schoen. Crimson Desert probeert zoveel te doen dat het onvermijdelijk is dat sommige systemen onderontwikkeld aanvoelen. De inventaris is te krap en onhandig voor de hoeveelheid spullen die je verzamelt.

Het koken, dat essentieel is omdat voedsel je enige bron van healing is, wordt al snel een corvee. Houtjes hakken, erts mijnen en vissen om je voorraad op peil te houden voelt na de zoveelste keer meer als een overlevingsspel dan als een actie-avontuur. En dan is er het gebrek aan snelle reismogelijkheden: fast travel-punten zijn schaars, moeilijk te vinden en soms pas beschikbaar na het oplossen van een puzzel. Dat resulteert in eindeloze ritten van twintig tot dertig minuten tussen questlocaties.

Knokken als een Greymane

Het gevechtssysteem is een van de sterkste pijlers, al heeft het even nodig om op gang te komen. In het begin voelt Kliff beperkt, maar naarmate je vaardigheden vrijspeelt, opent het systeem zich als een bloem. De combinatie van zwaardgevechten, worstelgrepen, magische aanvallen en omgevingsinteractie is uniek en ontzettend bevredigend. Een vijandelijk kamp bestormen, een bewaker suplexen, een tweede bij de kraag grijpen en tegen een wachttoren slingeren die vervolgens instort, dat soort chaos is waar Crimson Desert op zijn best is.

De reguliere vijanden bieden op den duur te weinig weerstand om het volledige arsenaal te benutten, waardoor je vaak terugvalt op basisaanvallen. Maar het zijn de baasgevechten waar de echte frustratie opduikt. De moeilijkheidspieken zijn wild inconsistent. Sommige bazen zijn spectaculair en uitdagend op de juiste manier, maar net zo veel zijn ronduit miserabel. Eenklapsaanvallen die je direct doden, piepkleine arena’s waar de camera vastloopt tegen muren, en vensters om schade uit te delen die zo kort zijn dat je meer tijd besteedt aan wachten dan aan vechten. De enige oplossing is vaak: meer voedsel meenemen en hopen dat je er doorheen komt. Niet bepaald elegant.

Puzzels en frustratie

De puzzels zijn een vergelijkbaar verhaal van pieken en dalen. Op hun best zijn ze inventief en belonend, waarbij je de fysicamechanismen en je vaardigheden creatief moet combineren. Op hun slechtst zijn ze ondoorgrondelijk, slecht gecommuniceerd of vereisen ze een vaardigheid die je nog niet hebt, zonder dat de game je dat vertelt. Je weet nooit zeker of je te dom bent voor een puzzel of dat je simpelweg nog niet het gereedschap hebt om hem op te lossen. Dat leidt tot momenten waarin je twintig minuten naar een muur staat te staren, om er later achter te komen dat je alleen maar een specifieke knop moest indrukken die het spel nooit heeft uitgelegd.

Crimson Desert tempel

En dat raakt aan een breder probleem: Crimson Desert communiceert slecht. Tutorials zijn er genoeg, maar ze leggen vaak het verkeerde uit op het verkeerde moment. Essentiële mechanismen worden overgeslagen of pas uren later terloops vermeld. Het resultaat is een game die voortdurend het gevoel geeft dat je iets mist, zonder je te vertellen wat.

Technisch wonderkind

Visueel is Crimson Desert een krachtpatser. Pearl Abyss’ eigen BlackSpace Engine levert een wereld af die tot de mooiste behoort die we op PC gezien hebben. Met ray tracing en path tracing op maximaal en DLSS op Quality draait de game soepel op 60fps in 2K, met uitzondering van de allerdrukste gevechtsscènes waar de framerate flink kan kelderen. De optimalisatie is over het algemeen indrukwekkend voor een game van deze omvang, al waren er in onze speeltijd vijf harde crashes.

De soundtrack is degelijk zonder memorabel te worden. De Engelse stemacteurs leveren overtuigend werk, met een charmant Schots accent voor Kliff, al valt het op dat sommige bijrollen door dezelfde acteurs worden ingesproken. Geluidseffecten tijdens gevechten voelen stevig en impactvol.

8.0
Crimson Desert
  • Pywel is een van de mooiste open werelden ooit
  • Uniek en bevredigend gevechtssysteem
  • Overweldigende hoeveelheid content
  • Kampsysteem is fantastisch uitgewerkt
  • Vlak verhaal en saaie hoofdpersoon
  • Inconsistente baasgevechten
  • Te veel halfbakken systemen
  • Puzzels en mechanismen slecht gecommuniceerd

BESLUIT

Crimson Desert is een game van extremen. Een adembenemend mooie wereld die uitnodigt tot eindeloos verkennen, een gevechtssysteem dat op zijn best spectaculair aanvoelt, en een hoeveelheid content die je maandenlang kan bezighouden. Maar ook een game die struikelt over zijn eigen ambitie, met een vlak verhaal, een saaie hoofdpersoon, frustrerende baasgevechten en te veel systemen die om je aandacht schreeuwen zonder allemaal even goed uitgewerkt te zijn. Het is een diamant in de ruwe, en als Pearl Abyss luistert naar feedback en blijft bijschaven, kan dit op termijn iets heel bijzonders worden. Maar op dit moment is het een indrukwekkend maar onaf meesterwerk.

Een reactie achterlaten